Post Tagged ‘radio’

Het is zover. Ik neem nu officieel deel aan het forenzenbestaan, zij het wel -godzijdank- niet elke dag. Tot nu toe hebben de Ijzeren Wegen zonder al te veel ogen en haken hun werk gedaan, maar dat belet niet dat al mijn naïef vertrouwen in de NMBS reeds lang vervlogen is. Nu wacht ik, met berusting en een vleugje defaitisme, op het knappen van de eerste bovenleiding door de onvoorziene overmacht van Koning Winter.

Student zijn is een ding, kotstudent een ander. Het koken gaat voorlopig vrij behoorlijk tot zelfs goed, aldus weliswaar mijn eigen smaakpapillen. Ook de kamer is een niet te versmaden mini-huisje met alles erop en eraan, ergens te midden van een troosteloze gang op de tweede verdieping. De drie muren die mij in al hun meedogenloze witheid een claustrofobisch gevoel trachtten aan te praten, heb ik intussen volgeplakt met reisfoto’s. Nu mogen ze staren.

De stad zelf is gezellig, met ongerestaureerde kerken overal en nergens,  onverwacht veel winkel-wandelstraten vol met zwarte nonnen, een station met eindeloze wachtrijen en paters met pedofielallures. Italië heeft zijn voorraad studentikoze pizzeriaatjes geloosd, en je kan evenmin spreken van een gebrek aan de alomtegenwoordige dürümzaken. Mijn oog (vooral het linker) kwam tot slechts één merkwaardige conclusie: de typisch Belgische frietkoten zijn schier spoorloos.

Tot nu toe ben ik oprecht gelukkig met de vers voorgeschotelde vakkenvracht, niet in het minst met strafrecht. Hoewel  het woord ‘buisvak’ nooit ver weg is en de prof van dienst zich in alle sierlijke eerlijkheid de moeite niet getroostte  dat schrikwekkende epitheton te ontkennen, probeer ik toch te focussen op mijn interesse eerder dan op de niet geringe mogelijkheid tot falen.

Natuurlijk zit er altijd weer dat ene vak tussen waar je haren van recht komen uit puur protest tegen de nutteloze studie-uren die je verspillen zal aan een portie quatsch dat altijd draait rond levensbeschouwelijke nonsens waar je in de praktijk niets aan hebt. Uit voorgaande zin (en diens pejoratieve connotatie) had je het waarschijnlijk al gemerkt: dit jaar is het niet minder. Pure filosofie, daar heb ik geen probleem mee. Het is wat het is. Wanneer men de cursus echter een danige draai geeft dat het lijkt alsof het toch iets met je curriculum te maken heeft terwijl dat in de verste verte niet het geval is, dán, beste bloglezer-die-ik-bij-dezen-bedank-voor-het-eindeloze-geduld-ende-de-niet-te-stoppen-patiëntie-ende-het-tomeloze-vermogen-om-een-hele-tijd-te-wachten-op-een-nieuw-blogbericht, dán druist dat in tegen alle recht en rede van de breinkanalen van ondergetekende.

Dat is echter bijzaak. Het gevoel van een nietzscheaanse eeuwige terugkeer van een stedentrip, die primeert! Overigens zijn het de kleine dingen die het ‘m doen, zoals de accute filmwaan die me overviel toen ik een mysterieus aandoende boekenwinkel met bijpassende muzak binnenliep, en de fel contrasterende en totaal onverwachte Hollandse begroeting. Of toen ik de lokale radio ontdekte. Of toen de befaamde burgemeester besloot mijn pad te kruisen, en ik op die manier eindelijk mijn onverhoopt vermoeden bevestigd zag: zijn hoofd is zo mogelijk nog vierkanter dan in De Slimste Mens Ter Wereld.

Tot de volgende.

Advertenties

Geen goede thriller bij de hand? Lees de krant.
In De Morgen staat een chronologisch feitenrelaas dat zodanig gedetailleerd vertelt over scheurende tentzeilen, veiligheidsmensen die op het podium springen en ontwortelde bomen dat de rillingen bijna over je rug lopen. De krant heeft het evenwel over drie slachtoffers, bij de publicatie van deze blog zijn er helaas al vijf doden te betreuren en drie mensen die vechten voor hun leven. Ik hoop dat deze laatsten het halen. Boven de pukkelpophistorie staan foto’s met een hoog armageddongehalte, die me onwillekeurig doen denken aan het door dooddoeners geterroriseerd zwerkbalkampioenschap (da’s voor de HP’ers ;)) met een niet verwaarloosbaar vleugje Duisburg en Indiana erbij. Maar boven die foto’s staat iets wat ik nog intrigerender vind … een ellenlange reeks tweets.

Ik ben ondertussen al geruime tijd actief op Twitter, oorspronkelijk om als eerste op de hoogte te zijn van het laatste nieuws (dat door journalisten en ooggetuigen altijd eerst op Twitter wordt bekendgemaakt voor je het in de media kan lezen) en vind het al lang een zeer nuttig medium, nuttiger dan Facebook etc. Toch steeg de microblogsite gisteravond nog heel wat in mijn achting.

De organisator, de burgemeester, de hulpdiensten en de crisiscel deden wat ze konden en gingen sereen om met de zware moeilijkheden, ook tegenover de pers. Na enige tijd werd via infoborden en microfoons op de nog rechtstaande podia -helaas lange tijd niet op de website van pukkelpop-  een noodnummer verspreid voor de familieleden en vrienden van de festivalgangers. Ook Studio Brussel, die live uitzond op het terrein, zag uiteindelijk het licht en onderbrak de muziek om informatie te verspreiden. Ampel beraad bleek echter niet nodig voor de duizenden twitteraars die via uiterst behulpzame tweets bewezen dat sociale netwerken meer zijn dan een voorbijgaande hype. Nog steeds zoeken nieuwssites naar de initiatiefnemers van de hashtags #hasselthelpt en #ppshelter, maar ze zullen het nooit met zekerheid weten. Er is een beweging ontstaan waarop we trots mogen zijn. In deze tijden van nood -en in tijden van overbelaste proximuslijnen- heeft iedereen kunnen zien dat Twitter een handig hulp- en communicatiemiddel is. Ik schrok echt van de enorme positieve berichtenstroom. De timeline blonk van warme douches, gratis slaap- en eetgelegenheden en taxi’s die mensen van heinde en verre kwamen oppikken. Internetregel nummer 1 ‘geef nooit je telefoon- of huisnummer’ werd fantastisch veel overtreden, gastvrijheid vierde hoogtij en ook de ondernemingen lieten van zich horen: Mobile Vikings bood gratis slaapplaatsen aan net zoals het Radisson Blu Hotel, en Telenet opende vanmorgen alle hotspots in Hasselt en de Belgische treinstations.

Oók via Twitter werden tientallen thuisfronten op de hoogte gebracht van de situatie van hun familieleden. Een nobele onbekende lanceerde #ppok, het werd via de infoborden verspreid en de netwerkproblemen bij Proximus werden zienderogen omzeild. Meteen konden heel wat ongeruste mensen opgelucht ademhalen. Wat als Twitter er niet was geweest?

Je vindt ook een interessante studie over Twitter op de blog van Jan Smeets.

Deze column is in verkorte versie gepubliceerd in De Morgen, De Gedachte, 20 augustus 2011, p.21.