Archief voor juni, 2012

Met gepaste en ongepaste trots stel ik u bij deze mijn pasgeboren blog voor:

MET SCHALKSE BLIK

Wekelijks dagblad voor fantasten

Bedoeling is om er een satirische nieuwssite van te maken, waarop ongeveer elke week een vers artikel verschijnt.
Het gaat dus om actualiteit met een staartje aan. Een aardig krullend krulstaartje.
Het concept is schaamteloos gestolen, maar de inhoud is aan het brein van een tjiftjaf ontsproten.
En het is zoals bij liefde: het draait uiteindelijk om het innerlijk. Zeggen ze.
Het eerste ‘nieuwsbericht’ is alvast gepost. Ik ben benieuwd naar uw reacties!

Hier vindt u de facebookpagina.

Voor alle duidelijkheid: deze blog blijft bestaan naast de nieuwe blog.

De demon die naar farizeeërsmannen
al in Jezus huisde, overleefde van het
manna dat nog restte in Kanaän.

Het hemelsbrood gaf hem hellekracht
om eeuwen aldaar te verblijven
als heer van huizen en vliegen
en Bashar al-Assad in te lijven.

De afgod van Ekron
nu vorst van Damascus,
geen haiku weerstaat
de Chinees en de Rus.

Ik wil het eens hebben over de aanvallen met onbemande vliegtuigjes door de Verenigde Staten. Slechts enkelingen onthalen zo’n nieuws op kritiek, velen gaan er vanuit dat het een goede zaak is dat de V.S. de zogenaamde drones inzet tegen terroristen. Ik vind het frappant dat zo weinig wordt stilgestaan bij de schendingen van het internationaal recht, met inbegrip van de mensenrechten. De V.S. dringen illegaal het luchtruim van andere staten, zoals Pakistan binnen. Dit niet met gewone vliegtuigen, maar met onbemande tuigen die bovendien vaak niet op de radar waarneembaar zijn. Alsof dat nog niet voldoende is, richten de Amerikanen via die onbemande vliegende sluipschutters  hun kogels op doelwitten ver beneden de vliegtuigen op de grond. Het gaat daarbij telkens om ‘vermeende’ Al Qaedastrijders die vooraf door Obama persoonlijk op de ‘dodenlijst’ zijn gezet. Iedereen weet dat bij die illegale aanvallen ook burgerslachtoffers vallen. Vanmorgen hoorde ik op de radio dat dat ‘onvermijdelijk’ is. En ik maar denken dat we in de eenentwintigste eeuw afgestapt waren van ‘het doel heiligt de middelen’. Hoewel Obama al heel wat goede zaken verwezenlijkt heeft en heel wat andere goede zaken gewoon niet kan realiseren door tegenwind van de republikeinen, mag hij niet zonder voorbehoud de hemel in geprezen worden. Net zozeer als de toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede in 2009 compleet voorbarig was, is het gebrek aan een kritische houding van andere staten jegens de V.S. momenteel een groot probleem. De Belgische regering kan al meteen als voorbeeld dienen. Gisteren las ik in de krant een bericht over de toenemende druk vanwege de V.S. om alle terrorismegegevens van de Belgische inlichtingendienst rechtstreeks aan hen door te spelen. Met recht en rede staat de PS niet te springen om hierop in te gaan, vooral omdat de Amerikaanse diensten nogal vrijelijk met die gegevens zouden omspringen. Andere partijen voeren op hun beurt de druk op de PS op uit pure vrees om in onvrede te vallen met de Amerikanen. De V.S. dreigen er immers mee om de Visumplicht voor Belgen opnieuw in te voeren, net zoals ze in het verleden al met succes  dreigden om het Navo-hoofdkwartier weg te halen uit Brussel als de genocidewet niet werd teruggeschroefd. Als België zich tot slaaf van Obama wil degraderen, moeten we vooral zo doorgaan.

Ik had nooit gedacht dat de zon
een moedervlek kon krijgen.

Ze is niets anders dan moeder
en vlekken maakt ze zelf.

En toch was er een die woensdagochtend
de zesde van de zesde van het twaalfde
en de wereld wist het nam een bril en
de benen naar de wachten der sterren.

Welkom was ze niet.

Zonnevlekken dulden geen concurrentie.
Zonnevlekken zijn boorlingen van de moeder.
Zonnevlekken zijn dochters en zonen van
Ra-zend kwaad zonden ze haar weg.

De moedeloze moederloze moedervlek
werd in een ellips de laan uit.

Ze was helemaal van haar melk-weg,
dronk ervan met een vleugje
aphrodisiacum werd zo zichzelf dat
ze besloot om binnen laat ons zeggen
honderd nee honderdenvijf
jaar rechtsomkeert te maken
als speldenkop in een lichtbaken.

Amerikanen doen wel meer gekke dingen (ik verwijs alvast naar mijn blogbericht van morgen), maar niet altijd in negatieve zin.
Begeef u virtueel naar het Museum van de Bedreigde Geluiden en de nostalgicus in u wordt hergeboren.
Dat was althans bij mij het geval. Leve de reïncarnatie.

We hebben de verzameling geluiden, met onder meer de Nokia 3310, GameBoy, PacMan, een ‘opgezogen’ videotape en een antieke draaischijftelefoon te danken aan Brendan Chilcutt. O ja, zijn tweede naam is Charles I, hij doet aan Thaise yoga en fanmail is welkom.

Diepgeworteld

Geplaatst: 5 juni 2012 in Gedichten
Tags:, , , , , ,

Ik vraag me af vanaf wanneer iemands
rimpels verharden tot twijgen
wanneer de ent een Ent wordt
en geen stamgasten meer duldt.

Wanneer de kruin zich roert
tegen ’t onkruid en dan de wortels.

Ik vraag me af wanneer ze ’t schieten
zullen staken, wanneer ze zichzelf
frontaal in het verzet zullen storten
met vereende krachten trachten
te schoppen tegen schoppen
die hen toch zomaar ontpotten.

En toch hebben velen wat wijsheid
in pacht en ervaring bij bakken.
Hun ouderdom wordt pas
ontsluierd bij ’t hakken.

Ik moet meer reisdocumentaires bekijken. Dat is mijn conclusie na het zien van Around The World in 20 Years, waarin Michael Palin een Indiase kapitein over wie hij 20 jaar geleden een docu maakte, opnieuw opzoekt. Het gaat om de kapitein van de al-Sharma, een dhow (oud Arabisch schip met grote laadruimte). Mijn voornemen om ooit naar India te gaan is meteen ook bevestigd.

Binnen Europa heb je culturele verschillen, maar erbuiten nog veel meer. Zo bezit Mumbai de grootste wasserij ter wereld, en dan nog in open lucht. Iedereen kan er terecht om zijn broeken, rokken, T-shirts en truien onder handen te laten nemen door de wasjongens en -mannen. De was wordt er letterlijk proper geklopt op zware grijze stenen. Vaak komen daarbij een aantal knopen los, maar dat nemen de Indiërs er graag bij. Dhobi Ghat heet het fenomeen.

Daarnaast bezoekt Palin de geboortestreek van Mahatma Ghandi waar alcohol verboden is, behalve voor buitenlanders die een kopie van hun identiteitskaart voorzien. Ook de moeite waard zijn de merkwaardige treinen, volgepakt met koeriers die op hun hoofd gigantisch veel lunchpakketten meesjouwen om ze af te geven aan de echtgenoot van moeder de gans; de eeuwenoude verlaten tempels en de op instorten staande maharadjapaleizen.

Maar de reis begint niet in India, de reis begint in Dubai, dat volgens een ooggetuige annex vage kennis mijnerzijds zodanig decadent aandoet dat het bijna ondraaglijk wordt. Klikken en kijken dus, tenzij u mijn bevelen rauw lust, met een snuifje peper.

Stilleven

Geplaatst: 4 juni 2012 in Gedichten
Tags:, , , , ,

Niets was overeind gebleven
toen de bommen kwamen.

Alleen het tafeltje waaraan hij zat
en hijzelf die aan het tafeltje zat.

Het sprankje hoop waarvan de mensen zeggen
dat het er altijd is, had zich verstopt

in het versleten calqueerschriftje op tafel.
Hoewel de muren waren weggeblazen,

behing de jongen ze met servietten
op velijnpapier, want hij wist

dat hij ook deze spijs nog moest verteren.

De ene droeg een wit gewaad
met paarlemoeren schoenen.
Zij had gouden haren en
twee borsten als meloenen.

De and’re vrouw was zwart
en toch vorste ik haar beter.
Ze wuifde en trok hard
aan mijn open minneveter.

Haar lach was onnatuurlijk
’t was alsof een pierenpaar
bilateraal was vastgespijkerd,
eentje aan elk manenhaar.

Begrijp mij niet verkeerd
maar men placht haar soort te noemen
gewetenloze maagden
met gifdoornen in hun bloemen.

Kiezen kon ik nauwelijks
ware het niet dat
mijn pinkstertong met smaak
al in haar vlammenlasso zat.

Maar dat was nog niet alles
want haar balorige handen
maakten alles gloeiend goud
ja zelfs mijn ingewanden.

De witte zegt u die was ik
van schrik al lang vergeten.
Het kon me niets meer schelen
ik werd weldra opgevreten.

Geen kant kon ik nog op mijn
handen staan ik wist het niet.
Al was ik zelf dan bandeloos
mijn lijf en leden niet.

Nu al was mijn bronstego
door tempellust verslonden.
Wat zou de toekomst brengen
als mijn ziel werd vastgebonden.

Net voor ik het bewustzijn
en mijn maagdelijk geweten
verloor ik nog een kwartje
aan de waard die mij zou eten.

Ik riep: verdient gij dat nu wel
gij harteloze trien.
Zo’n beestachtig gedoe
heb ik in jaren niet gezien.

Ze nam het kwartje op
en stak het waar de zon niet scheen,
doch ginds achter de hellepoort
was dat al geen probleem.

De zwarte heks liep mijlenver
maar plots een grot in -huilend
zou de wolf haar groeten
in het holst der hellekuilen.

Dag wolf, zei ik, gij vlooienbaal
ik kom uit een verleden
maar een ding weet ik zeker
‘k ben bilateraal besneden.

Lach niet, wolvenkind, maar klauw
die ordinaire heks.
Hij zei: ok, dat doe ik graag
en ik stond weer perplex.

De wolf grinnikte schamper
want hij kwam van de Ugent.
Hij zei: mijn veto stel ik niet
gij zijt te zeer verwend.

Beduusd klom ik de grot weer uit
de hel ook achterlatend.
Geen wonder dat de wereld barst
al bommend en al pratend.

Er zijn van die dagen
dat ik denk
wat zit ik hier te doen
van die nachten
dat de sterren
me opslorpen.

Het zijn van die nachten
dat ik best niet omhoog
maar beter gewoon
in de zetel
kijk en
zit.

Voor een buis
die licht geeft
een flash van een flashback
mama hoe werkt dat
het werkt via satelliet
daar zijn we weer
’t is onoverkomelijk.

En toch schrik ik als
mijn mailbox fluistert:
“Je bent onzichtbaar.
Zichtbaar worden.”